Wie is Dominic Ongwen?

Vandaag werd Dominic Ongwen voorgeleid bij het Internationale Strafhof in Den Haag. Ongwen werd als 14-jarige jongen in Oeganda door de Lord Resistance Army (LRA) ontvoerd. In de jungle paste hij zich snel aan de LRA aan en werkte zich op tot een van de leiders. Ongwen staat onder andere terecht voor het ronselen en inzetten van kindsoldaten.

 

Dominic Ongwen werd tussen 1975 en 1980 geboren in Oeganda in het Gulu district. Oeganda was een Britse kolonie tot het in 1962 onafhankelijk werd en Milton Obote werd geïnstalleerd als staatshoofd. In 1971 nam Idi Amin door een militaire staatsgreep de macht over: zijn brute regime hield acht jaar stand. Amin wordt verantwoordelijk gehouden voor de dood van maar liefst 300.000 mensen. In 1979 werd Idi Amin door de Tanzaniaanse troepen verdreven en ontvluchtte het land. Obote werd opnieuw staatshoofd, maar in de eerste helft van de jaren tachtig (1981-1986) werd het land geteisterd door een hevige burgeroorlog. Het Nationale Verzetsleger vocht onder leiding van Museveni tegen de regeringstroepen van Obote. Die strijd werd uiteindelijk in 1986 gewonnen door Museveni die vervolgens werd geïnstalleerd als het nieuwe staatshoofd. Ook zijn bewind was bruut en de mensenrechten werden met voeten getreden. Vooral het noorden, waar veel aanhangers van Obote woonden, had het zwaar te verduren. De jonge Dominic Ongwen groeide op in een onrustig en door conflicten en een burgeroorlog geteisterd land.

 

De LRA werd in 1987 opgericht door Alice Lakwena, vermeende nicht van de latere leider Joseph Kony. De LRA is een rebellengroep die jarenlang heeft gestreden om de macht in Oeganda. De LRA wilde het land overheersen op grond van een eigen interpretatie van de Tien Geboden. In de strijd om de macht schuwde de LRA geen enkel middel en heeft talloze extreme misdrijven begaan, zoals het aanvallen, vermoorden en ontvoeren van burgers. Ook gebruikte de LRA vaak seksueel geweld. Onder degenen die met geweld ontvoerd en gerekruteerd werden, zijn naar schatting 30.000-60.000 kinderen. De jonge Dominic Ongwen was een van hen. Ongwen werd in 1990 op 14-jarige leeftijd ontvoerd door de LRA. Er gaan geruchten dat hij ten tijde van zijn ontvoering zo klein was dat hij door andere soldaten gedragen moest worden, maar het is onduidelijk of dit waar is. Vincent Otti, toen al een hooggeplaatste rebel binnen de LRA – en nu evenals Ongwen gezocht door het Internationale Strafhof - nam Ongwen onder zijn hoede. Net als veel andere ontvoerde kinderen werd Ongwen politiek geïndoctrineerd en gedwongen om toe te kijken hoe mensen die probeerden te ontsnappen werden gestraft en gedood. Later leerde hijzelf hoe hij mensen kon ontvoeren en doden. Ongwen paste zich snel aan, was een trouwe en loyale volgeling en kreeg al op jonge leeftijd belangrijke taken toegewezen. Kony, de leider van de LRA, zag in hem een ideaal rolmodel voor de andere ontvoerde kinderen. Er gingen geruchten dat Ongwen soms mensen had gered maar dat hij op andere momenten buitengewoon wreed was. Ongwen was een goede strijder en maakte snel carrière: hij overleefde al zijn superieuren en wist zo uiteindelijk tot de top van de LRA door te dringen. Ongwen’s rol binnen de LRA werd geleidelijk aan steeds groter en zijn belangrijkste taak werd het ronselen van kindsoldaten.

 

Hoewel het ronselen van kindsoldaten een oorlogsmisrijf is, maken nog steeds veel staten en rebellengroepen gebruik van deze methode om zo hun rangen te vullen. Er wordt geschat dat er wereldwijd 200.000-300.000 kindsoldaten zijn, onder wie tussen de 20-30% meisjes. Meisjes die ontvoerd zijn, worden vaak gebruikt als seksslavinnen, terwijl jongens daadwerkelijk aan de strijd deelnemen. Overigens is het niet zo dat alle kindsoldaten gerekruteerd worden door middel van ontvoering. Een relatief grote groep sluit zich vrijwillig aan. Zij hebben gezien hoe hun families vermoord werden en willen wraak of zoeken bescherming bij het rebellenleger. Ook de vrijheid en macht die een rebel heeft, oefent soms een grote aantrekkingskracht op kinderen uit. De rebellen voorzien hen bovendien van voedsel, onderdak, geld en een wapen. Eenmaal binnen de gelederen van de rebellengroep krijgen de kinderen een soort militaire training en worden politiek geïndoctrineerd. Via allerlei socialisatieprocessen wordt hen geleerd hoe ze geweld kunnen gebruiken en rechtvaardigen en uiteindelijk vechten kindsoldaten mee als volwaardige soldaten en sommigen raken op die manier betrokken bij de  meest afschuwelijke misdrijven. In de literatuur worden kindsoldaten vaak afgeschilderd als slachtoffers, maar velen van hen zijn (daarnaast) ook daders. Ongwen is misschien wel het meest typische prototype daarvan. Toen hij werd ontvoerd, was hij zonder twijfel een slachtoffer. Maar hij heeft vele misdaden gepleegd en nu bijna 25 jaar later, is hij een van de leiders van de LRA en wordt hij verdacht van het misdrijf waar hij zelf ooit slachtoffer van werd: het ronselen en inzetten van kindsoldaten.

 

President Museveni van Oeganda heeft de misdrijven die door het LRA zijn begaan aan de openbare aanklager van het Internationale Strafhof voorgelegd met het verzoek een strafvervolging in te stellen. Het Internationale Strafhof vaardigde arrestatiebevelen uit tegen 5 leiders van de LRA die allen ook op de Interpollijsten werden geplaatst. Dit waren Joseph Kony, Vincent Otti, Raska Lukwiya, Okot Odhiambo en Dominic Ongwen. De aanklachten tegen Lukwiya werden ingetrokken nadat de geruchten over zijn vermeende dood in 2006 werden bevestigd. Vermoed wordt dat ook Vincent Otti niet meer leeft, maar zolang zijn dood niet bevestigd is, blijft zijn aanhoudingsverzoek van kracht. Ongwen is van de 5 aangeklaagden de jongste en heeft ook de laagste rang. Hij is aangeklaagd voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid, waaronder het ronselen en inzetten van kindsoldaten (zie aanhoudingsbevel). Ondanks de You-Tube hit Kony 2012, die binnen zes dagen nadat deze op You-Tube werd gezet meer dan 100 miljoen keer werd bekeken, zijn de LRA-leiders, met uitzondering van Ongwen nog niet aangehouden. Na bijna 10 jaar voortvluchtig te zijn geweest heeft Ongwen zich op 7 januari aan de troepen in de Centraal Afrikaanse Republiek overgegeven. Half januari werd hij aan het Internationale Strafhof overgedragen om daar terecht te staan.

 

De vraag is hoe het Internationale Strafhof deze zaak aanpakt. Ongwen kan immers zowel als slachtoffer als als dader gekwalificeerd worden. De internationale gemeenschap heeft lange tijd geworsteld met de vraag hoe om te gaan met kindsoldaten. Het Speciale Hof in Sierra Leone had jurisdictie over kindsoldaten van 15 jaar of ouder, maar aanklager David Crane verklaarde onmiddellijk dat hij geen kinderen zou vervolgen. Tot op heden is het speciale hof in Oost-Timor het enige internationale tribunaal waar een kindsoldaat, een14-jarige jongen is aangeklaagd en veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf. Het Internationale Strafhof heeft alleen rechtsmacht over mensen die ouder zijn dan 18 en kan dus geen kindsoldaten vervolgen. De opmerkelijke consequentie daarvan is dat een minderjarige enkel de positie van slachtoffer of getuige kan hebben. Dit verandert juridisch gezien op de dag van hun achttiende verjaardag. Vanaf dat moment zijn jongeren volledig verantwoordelijk en aansprakelijk voor hun eigen gedrag en handelen. De vraag is natuurlijk hoe het Internationale Strafhof omgaat met iemand als Ongwen die door de LRA werd ontvoerd, gedwongen werd militaire training te ondergaan en in de jungle onder de hoede van de LRA is opgegroeid. Ongwen werd op 26 januari 2015 voorgeleid bij het Internationale Strafhof in ene publieke hoorzitting (zie You Tube). De zogeheten ‘confirmation of charges hearing’ waarbij de rechters zullen nagaan of er voldoende bewijs is om de zaak voort te zetten zal op 24 augustus 2015 plaatsvinden. Behalve de vraag of er voldoende bewijs is met betrekking tot de hem te laste gelegde feiten, belooft deze zaak een van de meest interessante zaken van het Internationale Strafhof te worden.

 

 

Literatuur

 

  • Baines, E.K. (2009). Complex political perpetrators: reflections on Dominic Ongwen, Journal of Modern African Studies 47(2), 163-191.
  • Drumbl, M. (2012). Reimagining Child Soldiers in International Law and Politics, Oxford University Press.
  • Oloya, O. (2013). Child to soldier – stories from Joseph Kony’s Lord’s Resistance Army, University of Toronto Press.
  • Singer, P.W. Children at war, University of California Press.
  • Smeulers, A. (2011). Eroding the myth of pure evil. When victims become perpetrators and perpetrators victims, in: R. Letschert, R. Haveman, A.M. de Brouwer, A. Pemberton (eds.), Victimological approaches to international crimes: africa, Intersentia. 
  • Vermeij, L. (2014). The bullets sound like music to my ears – socialization of child soldiers within African Rebel groups, Ph-Thesis Wageningen University.
  • Wessels, M. (2006). Child soldiers – from violence to protection, Harvard University Press.

 

 

Alette Smeulers - geupdate 26 januari 2015.