Korte geschiedenis

Het proces in Neurenberg (1945-1946) vlak na de Tweede Wereldoorlog was het eerste internationale strafproces waarbij politieke leiders individueel strafrechtelijk verantwoordelijk werden gehouden voor internationale misdrijven. Adolf Hitler, Josef Goebbels en Heinrich Himmler ontsprongen de dans, maar 24 andere Nazi leiders waaronder Herman Goering, Rudolf Hess en Albert Speer werden aangeklaagd voor oorlogsmisdrijven, misdrijven tegen de menselijkheid en misdrijven tegen de vrede. Uiteindelijk werden 19 verdachten veroordeeld. 12 van hen kregen de doodstraf, 3 werden veroordeeld tot levenslange gevangenisstraffen en 4 veroordeelden kregen een tijdelijke gevangenisstraf opgelegd (tussen de 10 en 20 jaar). Even later werden voor het tribunaal van Tokyo ook de Japanse oorlogsmisdadigers voor misdrijven in Azië in de jaren ‘40 vervolgd en berecht.

De misdrijven begaan tijdens de oorlog in voormalig Joegoslavië (sinds 1991) en de genocide in Rwanda (1994) leidden tot de oprichting van de internationale straftribunalen voor voormalig Joegoslavië (ICTY) en Rwanda (ICTR). Deze beide tribunalen hebben inmiddels tezamen meer dan 150 verdachten berecht. Ook kopstukken als Milosevic (tijdens het proces overleden), Karadzic en Mladic die beiden momenteel terecht staan, zijn aangeklaagd. Deze beide straftribunalen hebben een indrukwekkende jurisprudentie voortgebracht en het internationale strafrecht is in de laatste twintig jaar tot volle wasdom gekomen. Op 1 juli 2002 werd het internationale strafhof (ICC) operationeel en in 2012 werd Thomas Lubanga de eerste die door het ICC werd veroordeeld voor het rekruteren en inzetten van kindsoldaten. Naast genoemde tribunalen zijn in de afgelopen jaren ook internationale straftribunalen en hoven opgericht die de misdrijven in Sierra Leone, Cambodja, Oost Timor en Libanon berechten c.q. hebben berecht.

 

Feiten en cijfers
In het totaal hebben deze negen strafhoven en tribunalen 172 zaken berecht waarbij 250 rechters en 23 hoofdaanklagers betrokken waren. In totaal zijn 745 verdachten aangeklaagd waarvan 356 uiteindelijk werden vervolgd. Van hen zijn er 281 schuldig bevonden. Op dit moment staan er 34 verdachten terecht, terwijl 22 verdachten nog voortvluchtig zijn. In de jaren ’40 hebben 19 veroordeelden de doodstraf gekregen waarvan er 17 ook daadwerkelijk zijn geëxecuteerd (Borman werd bij verstek veroordeeld en was ten tijde van het proces naar later bleek al overleden en Goering pleegde vlak voor zijn terechtstelling zelfmoord); 45 verdachten kregen een levenslange gevangenisstraf opgelegd en 217 een tijdelijke gevangenisstraf van gemiddeld 15.3 jaar. Een strafproces voor een internationaal straftribunaal of hof duurt gemiddeld 4,9 jaar en de kans veroordeeld te worden nadat de vervolging ook daadwerkelijk is ingezet is 87%. (lees verder) In de wetenschappelijke literatuur heeft de straftoemetingspraktijk veel kritiek gekregen maar uit een empirische analyse blijkt dat de praktijk consistent en voorspelbaar is (lees verder)

De gemiddelde dader is man (er zijn tot op heden slechts 2 vrouwen veroordeeld), 40 jaar oud en lid van een militaire of paramilitaire organisatie en werkt voor de staat. Daders van internationale misdrijven worden als vijanden van de mensheid (hostes humanis generis) bestempeld.

Internationale misdrijven zijn per definitie vormen van collectief geweld. Dat werpt de vraag of de huidige regelingen van het internationale strafrecht wel voldoende recht doen aan het collectieve karakter van deze misdrijven en of het wel de juiste keuze is geweest om het internationale strafrecht te stoelen op de grondbeginselen van het nationale strafrecht (lees verder)

IMG 3989 IMG 3994

Kernpublicaties

  • Smeulers, A. M. Weerdesteijn & B. Hola (2015). The selection of situations by the ICC: and empirically based evaluation of the OTP's performance, International Criminal Law Review 15(1), 1-39. (lees verder)
  • Smeulers, A., B. Hola & T. van den Berg (2013). Sixty-five years of International Criminal Justice – The Facts and Figures, International Criminal Law Review, 7-41. (lees verder)
  • Hola, B., C. Bijleveld & A. Smeulers (2012). Consistency in international sentencing - ICTY and ICTR case study, European Journal of Criminology 9(5), 539-552.(lees verder)
  • Hola, B., Bijleveld C., Smeulers, A. (2011). Punishment for Genocide – Exploratory Analysis of ICTR Sentencing, International Criminal Law Review, 745-773. (lees verder)
  • Hola, B., A. Smeulers, C. Bijleveld (2011). International Sentencing facts and figures: sentencing practice at the ICTY and ICTR, Journal of International Criminal Justice 9(2), 411-439. (lees verder)
  • Smeulers, A. (Ed.) (2010). Collective violence and international criminal justice: an interdisciplinary approach, Antwerp: Intersentia.(lees verder)
  • Smeulers A. en B. Hola (2010). ICTY and the culpability of different types of perpetrators, in: Smeulers, A. (Ed.) Collective violence and International criminal justice: an interdisciplinary approach, Antwerp: Intersentia, pp. 175-206. (lees verder)
  • Smeulers, A. & W. Werner (2009). The banality of evil on trial, in: C. Stahn & L. van den Herik (Eds.) Future perspectives on international criminal justice, TMC Asser Instituut: Cambridge University Press, 24-43. (lees verder)
  • Hola, B., A. Smeulers, C. Bijleveld (2009), Is ICTY sentencing predictable? An empirical analysis of ICTY sentencing practice, Leiden Journal of International Law 22(1), 79-97. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2008). Punishing the enemies of all mankind, Leiden Journal of International Law 21(4), 971-993. (lees verder)




Nederlandstalige kernpublicaties

  • Smeulers, A. (2014). Betrouwbaarheid van getuigenbewijs in WIM-zaken, Strafblad 12(5), 354-364. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2014). Tien jaar Wet Internationale Misdrijven - een evaluatie, Delikt & Delinkwent 25, 267-290. (lees verder)
  • Klip, A.H. & A. Smeulers (2004). Afrekenen met het verleden: de afdoening van internationale misdrijven, in: A.H. Klip, A.L. Smeulers en M.W. Wolleswinkel (red.), KriTies – Liber Amicorum et amicarum voor prof. mr. E. Prakken, Deventer: Kluwer 2004, 313-330.