De vergassingen in Auschwitz, de vernederingen in Abu Ghraib, de massale verkrachtingen in DR Congo, de moorden in Zuid Afrika, de massagraven rond Srebrenica, de afschuwelijke beelden van de gifgasaanvallen in Irak en meer recent in Syrië. Wat zijn dat voor mensen die zulke afschuwelijks misdrijven plegen? Hoe kunnen mensen zo wreed zijn? Waarom doen ze dat?

 

Hoe gewone mensen tot daders kunnen transformeren
Internationale misdrijven zijn zo extreem dat we ons het liefst zo veel mogelijk van de daders distantiëren en hen zien als wrede en sadistische psychopaten. Sommige daders zijn dat ook, maar lang niet allemaal - hoe extreem het geweld ook is dat zij begaan. Veruit de meeste daders zijn heel gewone gezagsgetrouwe burgers die handelen op bevel van de staat (lees verder). In extreme omstandigheden, zoals bijvoorbeeld een oorlog, kunnen heel gewone gezagsgetrouwe burgers transformeren in daders van extreme gruweldaden (lees verder). In dit transformatieproces zijn verschillende fases te onderscheiden: de voorbereidingsfase, de initiatie fase, de gewenningsfase, de routine fase en de reflectie fase. Cruciaal in dit transformatieproces is de reactie van een dader op zijn eerste misdrijf of gruweldaad. Vrijwel alle daders die bij internationale misdrijven betrokken raken, reageren met afschuw en walging op de eerste keer dat zij iemand anders verminken, folteren, verkrachten of vermoorden. Cruciaal is de wijze waarop zij vervolgens omgaan met hun eigen afschuw. Keren zij op hun schreden terug en weigeren ze - vaak met gevaar voor eigen leven - om ieder volgend vergelijkbaar bevel op te volgen? Of - veel aannemelijker - gaan zij hun eigen gedrag goedpraten en zoeken ze bewust en onbewust naar allerlei mogelijke manieren om hun eigen misdaden te rechtvaardigen en te legitimeren (lees verder). Als ze dat doen, dan zullen ze een volgend bevel om een ander te vermoorden, verminken of verkrachten opnieuw opvolgen en uiteindelijk hun geweten weten te sussen en aan het geweld wennen. Na enige tijd zullen ze zonder enige verdere gewetensbezwaren moorden en verkrachten en zijn ze tot werkelijk alles in staat.


Dadertypologie
Niet alle daders zijn hetzelfde. Sommige zijn machtige politieke leiders, die aan het hoofd van een staat of rebellenleger de dienst uitmaken en veelal de misdrijven initiëren. Andere daders dragen zorg voor de organisatie en uitvoering van het onderdrukkende, gewelddadige of genocidale beleid – dit zijn de bureaucraten en zij vormen het zogenoemde middenkader. Terwijl weer anderen het geweld uiteindelijk uitvoeren en zelf verminken, vermoorden en verkrachten. Daders verschillen echter ook in de motieven die aan hun handelen ten grondslag liggen. Sommige worden gedreven door de ideologie, zoals de fanaat die doordrongen is van haat en wroeging of de gezagsgetrouwe militair die van mening is dat hij alle bevelen van zijn superieuren moet opvolgen en dat dit in het belang van de staat is. Anderen worden gedreven door puur eigenbelang: het politieke geweld en de gewelddadige politiek biedt hun nieuwe carrière kansen of de mogelijkheid om profijt te trekken uit het lot van de slachtoffers. Hoewel de meeste daders voor de periode van massaal en collectief geweld gezagsgetrouwe daders waren, zijn er ook criminelen die van een periode van massaal geweld of een oorlog gebruik maken om hun criminele activiteiten verder uit te bouwen, zoals bijvoorbeeld Arkan dat deed (lees verder). Weer anderen zijn geen leiders maar volgers en meelopers. Zij doen wat anderen doen zonder er verder bij na te denken – zonder verder enige verantwoordelijkheid te nemen. Weer anderen worden min of meer gedwongen mee te doen. Zo worden in veel landen kinderen gedwongen om als kindsoldaat mee te vechten en soms gruwelijke misdrijven te begaan, zoals Dominic Ongwen die als kind ontvoerd werd, maar zich in de loop der jaren bij het rebellenleger zich kennelijk zo goed aan zijn nieuwe omgeving wist aan te passen dat hij een van de leiders van de LRA werd (lees verder). In het totaal kunnen we negen type daders onderscheiden: (1) het criminele meesterbrein; (2) de carrièremaker; (3) de profiteur; (4) de fanaat; (5) de overtuigingsdader; (6) de professional; (7) de crimineel en sadist; (8) de meeloper; (9) de gecompromitteerde dader. Perioden van massaal en politiek geweld kunnen verklaard worden door de vaak extreme politieke omstandigheden, het bestaan van een genocidale politiek en de groepsdynamiek die tussen de verschillende type daders ontstaat. (lees verder)

 

Daders van internationale misdrijven begaan hun misdrijven altijd in een hele bijzondere politieke, ideologische en institutionele context (lees verder). Er rust binnen zo’n context een enorme druk op de daders om de context zoals door de politieke leiders van het land wordt gedefinieerd te aanvaarden en om bevelen te gehoorzamen. Het gevolg hiervan is dat veel daders terwijl ze de meest verschrikkelijke misdrijven begaan toch zelf de overtuiging hebben dat ze het juiste doen. Zo zagen de daders die betrokken waren bij de Holocaust, de genocide -na hun aanvankelijk afgrijzen- niet als iets heel uitzonderlijks, maar als noodzakelijk, gerechtvaardigd en legitiem. Dat gold zowel voor de kampbewakers in Auschwitz (lees verder) als voor de bureaucraten zoals Eichmann (lees verder). Ook in Rwanda waar 800.000 tot 1 miljoen Tutsi’s en gematigde Hutu’s in 3 maanden tijd werden vermoord door extremistische Hutu’s en burgers die hen volgden, geloofden de daders ook dat hun misdrijven volledig gerechtvaardigd waren. De daders die ik met Lotte Hoex geïnterviewd heb vertelden ons dat het nu misschien moeilijk te geloven is maar dat zij destijds die overtuiging wel hadden (lees verder). Ook de Amerikaanse soldaten die verantwoordelijk waren voor de vernederingen van Iraakse gevangenen in Abu Ghraib waren zich aanvankelijk van geen kwaad bewust wat ook blijkt uit het feit dat ze foto’s van hun misdrijven maakten. Zij geloofden dat zij belangrijk werk in de strijd tegen het terrorisme verrichten (lees verder). De oorlog in voormalig Joegoslavië is in dat opzicht iets anders: daar waren vooral ook veel gewone criminelen zoals Arkan (lees verder) betrokken bij de oorlog. Deze oorlog is dan ook een typerend voor de criminalisering van de oorlog en een typisch voorbeeld van een nieuwe oorlog (lees verder).

 

Kunnen vrouwen ook daders zijn?

Daders van internationale misdrijven lijken overwegend mannen te zijn. Zo zijn bijvoorbeeld ruim 99% van alle verdachten die door internationale strafhoven en tribunalen berecht mannen. Dit werpt de vraag op hoe dit te verklaren is. Zijn internationale misdrijven een exclusieve mannenzaak en zijn vrouwen daartoe niet in staat of zijn er andere redenen aan te wijzen voor het feit dat nog maar zo weinig vrouwen zijn aangeklaagd en veroordeeld? In  de literatuur wordt vaak aangenomen dat de genocide in Rwanda een van de eerste genocides was waarbij ook vrouwen massaal betrokken waren en een belangrijke rol hebben gespeeld. Dit is echter niet juist. Onderzoek heeft uitgewezen dat de rol van vrouwen in Nazi Duitsland veel groter was dan tot op heden vrij algemeen werd aangenomen en dat er talloze andere voorbeelden van massaal en collectief geweld zijn waarin vrouwen een belangrijke rol hebben gespeeld. Vrouwen kunnen net zo kwaadaardig zijn als mannen en zijn in het verleden dan ook bij allerlei extreme vormen van geweld zoals genocide, moord, terrorisme, marteling en seksueel geweld betrokken geweest. Die betrokkenheid heeft allerlei verschillende vormen aangenomen. Soms hadden vrouwen slechts een ondergeschikte en ondersteunende rol, soms waren de vrouwen zelf de primaire daders of aanstichters van het geweld. Opmerkelijk is wel dat vrouwen -anders dan mannen- tegenwoordig nog steeds veelal als sadisten of geestelijk gestoord worden neergezet. Ook komt het vaak voor dat gedacht wordt dat vrouwen dergelijke misdrijven niet uit eigen initiatief of overtuiging begaan kunnen hebben, maar daartoe gedwongen werden. De gedachte is dat echte vrouwen niet tot zulke extreme misdrijven in staat zouden zijn. Niets is echter minder waar: net als veel mannen kiezen sommige vrouwen ervoor om bij gewelddadigheden betrokken te raken simpelweg omdat zij geloven dat het een juiste en legitieme methode is. Er zijn minder vrouwen dan mannen bij dergelijke misdrijven betrokken simpelweg omdat er minder vrouwen dan mannen lid zijn van gemilitariseerde eenheden en daardoor minder vaak in de positie komen waarin zij dergelijke misdaden kunnen dan wel moeten begaan. Voor het overige lijkt er tussen mannen en vrouwen in hun capaciteit tot het kwaad weinig verschil. Net als mannen lijken vrouwelijke daders over het algemeen hele gewone mensen. (lees verder)

 

20090502 3909



Kernpublicaties

  • Smeulers, A. (2015). Female perpetrators: ordinary or extra-ordinary women? International Criminal Law Review 15(2), 207-253. (lees verder) 
  • Smeulers, A. (2011). Eroding the myth of pure evil - When victims become perpetrators and perpetrators victims, in: R. Letschert, R. Haveman, A.M. de Brouwer, A. Pemberton (eds.), Victimological approaches to international crimes: Africa, Antwerp: Intersentia, 65-88. (lees verder)
  • Smeulers, A. & L. Hoex (2010). Studying the Micro-dynamics of the Rwandan genocide, British Journal of Criminology, 50(3), 435-454. (lees verder)
  • Smeulers, A. & S. van Niekerk (2009). Abu Ghraib and the War on Terror - a case against Donald Rumsfeld>, Crime, Law and Social Change 51(3-4), 327-349. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2008). Perpetrators of international crimes: towards a typology, in: A. Smeulers en R. Haveman (Eds.) Supranational criminology: towards a criminology of international crimes, Antwerpen: Intersentia, 233-265. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2004). What transforms ordinary people into gross human rights violators, in: S.C. Carey and S.C. Poe (eds.) Understanding Human Rights Violations: new systematic studies, Aldershot: Ashgate Publishing Ltd., 239-256. (lees verder)
  • Smeulers, A. (1996). Auschwitz and the Holocaust through the eyes of the perpetrators, Driemaandelijks Tijdschrift van de Stichting Auschwitz, 23-55.  (lees verder)




Nederlandstalige kernpublicaties

  • Smeulers, A. (2014) Het ultieme kwaad - de daders, Tijdschrift voor Cultuur & Criminaliteit 4(3), 36-52. (lees verder)
  • Smeulers, A. & H. Quaedvlieg (2013), Internationale misdrijven: een mannenzaak?, M. Groenhuijsen, T. Kooijmans, J. Ouwerkerk (red.), Roosachtig strafrecht – liber amicorum Theo de Roos, Kluwer, pp. 579-594. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2012). In opdracht van de staat – gezagsgetrouwe criminelen en internationale misdrijven, Tilburg: prismaprint. (lees verder)
  • Smeulers, A. (2008). In hun eigen woorden – genocide, foltering en andere internationale misdrijven door de ogen van de daders, Tijdschrift voor Criminologie. 50(4), 361-371.  (lees verder)
  • Weerdesteijn, M. & A. Smeulers (2011). Propaganda en paramilitairen - de normalisatie van geweld in het Servië van de jaren negentig, Tijdschrift voor Criminologie 53(4), 328-344.  (lees verder)